Ik weet niet waar het vandaan komt maar als ik eenmaal loop dan kan ik blijven lopen.

Zo ontstond van de week het idee om naar Santpoort Zuid te lopen en daar de trein te nemen naar Overveen. In Overveen via de duinen weer terug naar huis te lopen.
Zo begon ik gister mijn wandeling naar station Santpoort Zuid, bij aankomst zie mannen in lichtgevende pakken bezig aan het spoor.
Wat blijkt de bliksem is de dag ervoor in het elektra kastje geslagen.

Geen trein naar Overveen dus plan B.
Ik zet de pas stevig door en passeer de ruïne van Brederode.
Ik klim over een hek en kom in het gebied van Duin en Kruidberg terecht waar de wisent mij begroet.
Ik zoek de zon aan de hemel die richting Zandvoort staat, als ik die voor me houd dan zie ik wel waar ik terecht kom en wat me naar huis brengt.

De zon doet zijn best en warmt mijn bolletje zodat het mutsje af kan.
Ik slalom door verschillende paden heen en geniet intens als ik de omgeving in me opneem.
Na een korte stop wandel ik weer verder waar een kudde schapen mijn pad kruist, ze worden door drie getrainde collies bij elkaar gehouden.
Ik volg de kudde want ik hoef nergens heen en beland bij een ven in het bos. Onderweg maken de schapen bijzondere sprongen waarvan ik er een kan vast leggen.
Bij de ven raak ik aan de praat met de herder of eigenlijk een herderres.
Schiet nog wat foto’s en volg mijn pad.

Onderweg vraag ik mezelf af waarom ik altijd maar weer verder loop, dat zijn vragen waar je tijdens een wandeling de tijd voor kan nemen.
Ik ben bekent met mezelf dat ik altijd verder wil. Als ik met mijn vlieghengel in de rivier sta wandel ik ook door naar het volgende stuk, langs de volgende bocht.
Want het verlangen is steeds groot wat er buiten het zicht is wat nog gaat komen. Wat is er om de hoek of achter die berg en wat weer daarna.
Dat maakt de cadans waarmee ik me voortbeweeg.
En eigenlijk gewoon omdat ik me er fijn bij voel.

Ik kom uit bij het gebied Koevlak hier kies ik voor een frisje op het terras en bepaal mijn route. Zandvoort moet het worden, daar brengt de trein mij terug naar de bewoonde wereld.
Ik kies voor de route naar Parnassia en onderweg geniet ik van de spechten die elkaar versieren en 2 meter naast mij schiet een buizerd met prooi in de klauwen uit het gras. Ik ben te laat voor een foto wat mede komt door de schrik.
En ben me bewust dat mijn gezicht in continue grijns staat, dat is iets wat gebeurd als ik de natuur binnenstap.
Met de grijns op het gelaat komt het restaurant van Parnassia tussen de duinen omhoog.
Het terras lonkt in het zonnetje en ik trakteer mezelf op een trippel en die smaakt goed echt goed!

Schoenen uit sokken uit, broekspijpen omhoog en met de blote voetjes door de branding richting Zandvoort.
Mijn voeten krijgen een verkoelende traktatie van het zeewater dat tussen mijn tenen door stroomt.
Het bordje geeft aan Zandvoort 7,6 kilometer.
Kilometers zeggen niets meer als je eenmaal lekker loopt en de tijd doet me niets want ik heb de tijd.
Op het strand wordt druk gewerkt aan de opbouw van de strandtenten en het strand weer klaar te maken voor de badgasten.
De meeuwen zien het toe net als ik.
Ik luister naar hun gekrijs terwijl ik onder mijn voeten de scheermesjes op strand na het krakend geluid gebroken achterlaat.

De toren komt in zicht en de viskar van kroon staat er zoals altijd.
Hiervandaan nog een klein stukje naar de trein, maar niet voordat ik mezelf op een heerlijk blond biertje trakteer want die had ik wel verdient vond ik zelf.
Ik reken af maakt de voeten vrij van zand en trek de schoenen weer aan.
Om 15.39 verlaat de trein het station van Zandvoort en met een overstap op Haarlem op de bus ben ik om 16.15 thuis.
Daar waar mijn wandeltocht om 9.00 begon.

Thuis bereken ik mijn route die ik heb afgelegd, 30 kilometer en een beetje.
Ja dat krijg als je het op je heupen krijgt.
Wie weet op naar Nijmegen?

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.